Floris de Gelder, Utrecht Science Park

Floris de Gelder (48) is al 12 jaar actief in het publieke domein van Utrecht. Eerst als directeur van Museum Speelklok, daarna als wethouder Cultuur, Economie en Stadspromotie en sinds 2012 als directeur van Utrecht Science Park (USP). Hij geeft ons een inkijkje in zijn rol als ‘publiek ondernemer’ voor het Utrecht Science Park.


Floris De Gelder

Floris de Gelder – Utrecht Science Park

De Gelder: “Op het USP werken kennisinstellingen, onderzoeksinstituten en bedrijven samen om nieuwe oplossingen te vinden voor een langer en gezonder leven. Wat ik met mijn organisatie doe is de boel bij elkaar brengen. Veel partijen die hier zitten weten nauwelijks van elkaars bestaan en wat zij voor elkaar kunnen betekenen. Wij zoeken die verbanden en gaan vervolgens de boer op om de juiste mensen, bedrijven en instellingen aan elkaar te koppelen.”

Wij zijn de afdeling verkoop & verbinding

“De samenstelling van het team is ons grootste kapitaal, dankzij hen kan ik inmiddels een heleboel succesverhalen vertellen. En dat is nodig, met 6,3 fte en een beperkt marketingbudget kun je niet zeggen dat we de middelen hebben om groots uit te pakken. Onze verhalen moeten het werk doen.”

Het per ongeluk een briljante ontdekking doen. Dat proces faciliteren wij.

“Het idee achter USP: zet heel veel slimme mensen bij elkaar, zorg dat ze elkaar regelmatig ontmoeten, dan is de kans dat ze iets briljants ontdekken veel groter dan als ze afzonderlijk van elkaar hun werk doen. Serendipiteit is het modewoord dat we hiervoor gebruiken: het per ongeluk een belangrijke ontdekking doen. Dat proces faciliteren wij.”

In de hal van het kantoor van USP staat een grote maquette van het universiteitsterrein waarvan de gebouwen oplichten in de volgorde van oplevering door de jaren heen. Het geeft een mooi beeld van de ontstaansgeschiedenis van de Uithof en het USP.

“De faculteit Diergeneeskunde was een van de eersten die zich op de Uithof vestigden. Toen duidelijk werd dat het Universitair Medisch Centrum ernaast zou komen te liggen, hebben zij zich eerst met hand en tand verzet, het is zelfs bijna tot een proces gekomen. Ze wilden die zieke mensen niet naast zich, virussen zouden over kunnen springen. Toen het uiteindelijk toch doorging is er een brede sloot tussen gegraven.”

Utrecht heeft veel kennis over virussen als SARS en Ebola

“Nu is het buurmanschap van deze twee instituten en de nabijheid van het RIVM – dat zich binnenkort ook op het USP vestigt – juist een van onze grootste assets. In Utrecht worden virussen als SARS en Ebola, die van dier op mens kunnen worden overgedragen, uitgebreid onderzocht. Dat is sowieso waarmee we ons wereldwijd onderscheiden: de combinatie van mens- en dierwetenschappen.”

Het Utrecht Science Park als naam is iets van de laatste jaren, vroeger was het gewoon de Uithof. Hoe is het ontstaan?

“Dat is zo’n 7 jaar geleden. Yvonne van Rooy was voorzitter van het College van Bestuur van de Universiteit en wilde samen met de provincie, gemeente en het ministerie van Economische Zaken Danone naar de Uithof halen. Danone en Nutricia waren net gefuseerd en gingen hun bestaande researchafdelingen uit Düsseldorf, Parijs, Liverpool en Wageningen op één locatie centraliseren.”

“Met hun baby- en medische voeding zijn zij heel medisch georiënteerd wat mooi aansluit bij de medische know-how die hier aanwezig is. Yvonne van Rooy zag dit en koos er voor om ons tijdens de pitch als Utrecht Science Park te profileren, dat was de eerste keer dat die term viel. Samen met faciliteiten als een internationale school, een hoogwaardige werk- en woonomgeving en de beloofde tramlijn vanaf CS, hebben we Nutricia Research naar Utrecht gehaald. Als wethouder zat ik in de werkgroep die hiervoor in het leven was geroepen, maar Yvonne van Rooy verdient alle credits, haar rol was van doorslaggevend belang.”

Wij hebben de grootste schimmelcollectie ter wereld.

“Inmiddels hebben we ook Philips – via een Utrechtse uitvinding die gelijktijdig scannen en bestralen mogelijk maakt – aan ons gebonden en zijn Akzo Nobel en BASF partners in een chemisch consortium waar onze Universiteit deel van uitmaakt. We hebben in Utrecht ook het Centraal Bureau voor Schimmelcultures, dat al meer dan 100 jaar schimmels verzamelt. Onder Johanna Westerdijk, de eerste vrouwelijke hoogleraar in Nederland, groeide de schimmelcollectie uit tot de grootste ter wereld. Er zit enorm veel waardevolle kennis waar nog onvoldoende mensen van weten. Wist je dat gist ook een soort schimmel is? Met onze kennis kunnen we bijvoorbeeld bierbrouwers helpen met hun innovaties.”

Zit er nog groei in het USP?

“Qua fysieke omvang kunnen we nog de hoogte in, de boel verdichten. Het moet niet verspreid worden over een te groot oppervlak, het idee is juist dat mensen dicht bij elkaar zitten om optimaal van elkaars kennis te profiteren. Bovendien wordt zo het openbaar vervoer rendabeler. En we leggen liever een twee kilometer lange roeibaan aan dan nog een weiland vol te bouwen. Met goede sport- en omgevingsfaciliteiten trek je namelijk de beste studenten, medewerkers en bedrijven aan. Dat was ook een van de redenen voor Danone om voor Utrecht te kiezen. De kwaliteit van leven is hier hoog”.

“Tussen 2012 en 2020 komen er hier 5000 banen bij, waarvan 3000 nieuwe en 2000 verplaatsingen, zoals bijvoorbeeld het RIVM dat hierheen komt. Denk bij nieuwe banen aan het Prinses Máxima Centrum dat zo’n 800 nieuwe banen oplevert en de Life Sciences Incubator (LSI), waar zo’n 200 mensen gaan werken. Het LSI-gebouw is neergezet om jonge life sciencesbedrijven die vaak vanuit de universiteit zijn ontstaan te stimuleren en de ruimte te geven zich verder te ontwikkelen.”

We denken één schaal groter dan vroeger

“USP is mede zo succesvol omdat we verder kijken dan Utrecht, we doen alles één schaal groter dan vroeger. Zo komen de omliggende gemeentes ook naar ons toe met samenwerkingsplannen. Het gaat niet alleen om het binnenhalen van bedrijven, maar ook om andere samenwerkingsvormen. Voor een buurgemeente kan het een prachtkans zijn om de huizen te mogen bouwen voor de toekomstige medewerkers van het Prinses Máxima Centrum en hun gezinnen. Daar heb je als gemeente een stuk meer aan dan aan het zoveelste bedrijventerreintje waar geen behoefte meer aan is.”

“Het is leuk om te zien dat USP inmiddels een behoorlijk sterk merk is. Niet alleen nationaal maar zeker ook internationaal: vorige week ontvingen we op één dag delegaties uit Toronto en Hong Kong, Nobelprijswinnaar Muhammad Yunus van het microkrediet uit Bangladesh en de vice-minister van Economische Zaken van Costa Rica. Die laatste vroeg mij daarna of ik kon meedenken over het opzetten van een science park in Costa Rica.”

Samen met de andere science parken een nieuw beleggingsvehikel creëren

“Die schaalvergroting betekent ook dat we binnen Nederland samenwerken met andere science parken. Bijvoorbeeld om ons vastgoed interessant te maken als beleggingsobject voor pensioenfondsen. Nu komt dat geld niet los omdat de pensioenfondsen niet gewend zijn te beleggen in een object waar sturing op zit. Wij bepalen immers wat er met een gebouw gebeurt. Ook willen wij al bouwen nog voor we huurders hebben. Dat kan vanwege de potentie van het gebied; er is duidelijk sprake van schaarste, die huurders komen echt wel. Door samen te werken met 7 andere science parken willen we nu het risico voor de fondsen spreiden en zo een nieuw, aantrekkelijk beleggingsvehikel creëren. Deze aanpak, gecombineerd met onze lobby bij het ministerie van Economische Zaken lijkt te werken. Als het lukt gaan we ons doel – 1 miljard euro binnenhalen – realiseren.”

Het RIVM-terrein wordt deel van de grootste poliovaccinfabriek ter wereld

“We zijn nu bezig om van het oude RIVM-terrein in de Bilt een dependance van het USP te maken. Dat is overigens een uniek verhaal. Toen het RIVM naar het USP vertrok wilde de gemeente op het RIVM-terrein huizen gaan bouwen. Door de economische crisis ging dat gelukkig niet door. In 2012 hebben we samen met Rijk, Provincie en Gemeente bedacht dat het een goed plan zou kunnen zijn om het gebied te ontwikkelen tot satellietlocatie van het USP. Inmiddels heeft de Indiase ondernemer Cyrus Poonawalla, die in de jaren ’80 al met “onze” Ab Osterhaus kennismaakte, het terrein en het daarop gelegen Nederlands Vaccin Instituut (NVI) gekocht. Zijn bedrijf, het serum Institute of India, produceert 50% van alle poliovaccins ter wereld! Alle NVI-medewerkers – die anders hun baan kwijt waren geweest – kunnen nu blijven en de samenwerking met USP is contractueel vastgelegd.”

Ieder uur kwam er een nieuwe baan uit dat hok

“Mede dankzij Poonawalla hebben we nog een Indiaas bedrijf binnengehaald. Dit farmaceutische bedrijf – Cipla – zet bij ons een laboratorium met kostbare apparatuur neer om medicijnen te testen. De Hogeschool Utrecht gaat de opleiding verzorgen, wat zij eerder niet konden vanwege de veel te dure apparatuur. Zo hebben wij er een opleiding bij, heeft Cipla de garantie van goed opgeleide medewerkers en hebben de aangenomen studenten feitelijk een baangarantie. Voor de sollicitatieprocedure heeft Cipla gebruik gemaakt van een kamertje bij ons op kantoor: ieder uur kwam er een nieuwe baan uit dat hok!”

Multinationals snappen het concept van het science park en weten jullie te vinden, maar hoe zit het met het MKB?

“Dat is duidelijk moeilijker, ze hebben vaak niet de mogelijkheid om uitgebreid rond te kijken en ook hun netwerk sluit onvoldoende aan. Een mooi voorbeeld is de schedel die laatst in 3D werd geprint en vervolgens in het UMC Utrecht succesvol bij een patiënte werd getransplanteerd. Onze neurochirurg Bon Verweij haalde er het achtuurjournaal mee. De 3D-print was in Australië gemaakt maar er bleken ook Nederlandse MKB-bedrijven te zijn die dat hadden kunnen doen. Die hingen dus de volgende dag aan de telefoon maar hadden helaas de boot gemist. Dat mag in de toekomst niet meer gebeuren.”

IJzersterke combinatie universiteit en hogeschool

“Om het MKB beter bij het USP te betrekken hebben we het iLab neergezet. Het is een soort labhotel waar bedrijven voor een bepaalde tijd een laboratorium kunnen huren met apparatuur die zij zelf niet kunnen betalen. Het is gekoppeld aan de hogeschool omdat die beter zijn in de samenwerking met het MKB dan de universiteit. Dat is ook de kracht van het USP, we hebben zowel de hogeschool als de universiteit binnen onze grenzen.”

Je bent al ruim 13 jaar actief in de regio Utrecht. Is dat een bewuste keuze?

“Misschien wel maar je kunt het ook een toevallige samenloop van omstandigheden noemen. Na mijn studie Rechten in Utrecht heb ik eerst ruim 10 jaar in het bedrijfsleven gewerkt. Daarna ben ik als interimdirecteur van Museum Speelklok aan de slag gegaan. Mijn opdracht was vooral een financiële reorganisatie, maar er bleek nog zoveel potentie te zijn. Zo kwam ik op een van mijn eerste dagen langs het restauratieatelier dat op de nominatie stond om gesaneerd te worden. Er werd daar een klok uit het Hermitage gerestaureerd. Wij bleken de enigen ter wereld te zijn die dat konden! Een fantastisch verhaal met een enorme waarde voor het museum dat uitgevent moest worden.”

Toonaangevende mensen moeten zich aan Science Park committeren

“Na 5 jaar museum ben ik wethouder Cultuur, Economie en Stadspromotie geworden. Door de contacten die ik toen heb gelegd was de stap naar het USP eigenlijk een hele logische. Ik was bij het hele voortraject betrokken geweest en had een relevant netwerk en de juiste ervaring. In mijn functie ben ik dienstbaar aan een paar toonaangevende mensen die zich aan het USP hebben gecommitteerd. Zij moeten er echt voor gaan en met mijn verhaal aan de haal gaan. Alleen dan heb je kans van slagen.”

Je moet een zelfstarter zijn

“Ik zie mijzelf niet zozeer als ondernemer maar ik ben wel ondernemend. Om deze klus te klaren moet je een zelfstarter zijn, je moet de energie hebben om na een tegenslag weer verder te gaan en de boel in beweging te houden. Gelukkig is geen dag hier hetzelfde; ik denk dat je nergens op zoveel verschillende vlakken bezig kunt zijn als hier.”